GROENE, GEZONDE EN GELUKKIGE DORPEN MET TOEKOMST
Wij zijn Lokaal Krachtig!
Wij zijn een nieuwe, brede lokale partij. Vanaf 2026 vertegenwoordigen we alle kernen van Alphen-Chaam. Daardoor weten we wat er speelt en zijn we makkelijk aanspreekbaar.
We willen het vertrouwen in de politiek herstellen. Dat doen we door eerlijk te zijn, keuzes uit te leggen en het goede voorbeeld te geven. We vragen ook iets terug: dat inwoners meedoen binnen hun mogelijkheden. In onze dorpen letten we op elkaar en helpen we elkaar.
Onze ambitieOnze ambitie is duidelijk: groene, gezonde en gelukkige dorpen met toekomst. Iedere keuze die we maken, toetsen we aan deze ambitie.
Onze gemeente ligt in een prachtige, groene omgeving met landbouw, natuur en bos. Dat willen we behouden. Dit past bij thema’s als duurzaamheid, hergebruik en natuurvriendelijk werken.
Inwoners, verenigingen en ondernemers hebben een gezonde basis nodig. Ook de gemeente moet gezond zijn, financieel en organisatorisch. Bewegen, sport en gezonde financiën horen daarbij.
Gelukkig kunnen leven staat voorop. Dat gaat over alles wat het leven prettig maakt: veiligheid, gezondheid, onderwijs, natuur, vrije tijd, een fijne buurt en gelijke kansen.
Hoe we dat doen In dit programma leggen we uit hoe we de komende vier jaar samen werken aan onze ambitie. We doen dat stap voor stap, samen met inwoners, verenigingen en ondernemers.
Een gezonde en duurzame bestuurlijke toekomst
Inwoners staan bij ons op één. Tegelijk krijgt de gemeente steeds meer taken van het Rijk. Daarom onderzoeken we of onze manier van besturen nog past bij onze ambities en werk. We bekijken verschillende opties: zelfstandig blijven, samengaan met een andere gemeente of anders samenwerken.
We lopen niet vooruit op de uitkomst. Eerst laten we alle mogelijkheden goed onderzoeken. We delen de informatie duidelijk met inwoners, zodat we de inwoners zoveel als mogelijk zélf kunnen laten kiezen.
Ambtelijk werken we samen in de ABG-organisatie. Dat vinden we waardevol, maar we blijven kritisch op de kosten en kwaliteit. Medewerkers moeten de lokale situatie kennen en inwoners zich gezien en gehoord voelen. We werken samen in de regio. We richten ons op Hart van Brabant (Tilburg) en De Baronie (Breda) en zaken beleggen we niet in twee verschillende regio’s.
We wachten het onderzoek naar onze bestuurlijke toekomst af. Tot die tijd kijken we waar de bestuurszetel het beste kan komen. De vrijkomende schoollocatie van het Beekdal is een mogelijke plek.
Er blijft een servicepunt (gemeenteloket) in onze gemeente. Wie niet naar het loket kan komen, krijgt een alternatief. We verruimen de openingstijden zodat inwoners niet alleen tijdens kantooruren terecht kunnen.
Subsidies en vergunningen maken we eenvoudiger en sneller. De gemeente is een partner, geen obstakel. Aanvragen voor evenementen lopen vlot door. Voor kleine buurtinitiatieven kijken we of een vergunning nodig is. Jaarlijkse evenementen regelen we makkelijker en we helpen vrijwilligers bij hun aanvraag.
We willen een gezond financieel beleid. Niet meer uitgeven dan er binnenkomt. De begroting moet sluitend zijn. Dit wordt een fikse opgave de komende jaren. Er zullen dan ook keuzes moeten worden gemaakt om onze ambities waar te maken. Dat doen we zoveel als mogelijk in balans, door zowel kritisch te blijven kijken naar de inkomsten- en uitgavenkant. Zo kunnen we blijven investeren in de toekomst.
De onroerendzaakbelasting (OZB) mag geen melkkoe worden om gaten te dichten. Ons uitgangspunt is maximaal stijging van de OZB met de jaarlijkse indexatie. Wij vinden een stijging van de OZB ook bespreekbaar, ingeval van nieuwe ambities die worden gedragen door onze inwoners. De systematiek van de forensenbelasting en toeristenbelasting is onlangs aangepast. Over twee jaar evalueren we dat. Andere inkomsten, zoals afvalstoffenheffing, rioolheffing, rijbewijzen en paspoorten, mogen niet meer kosten dan nodig (kostendekkend).
De volgende uitgangspunten staan bij ons voorop bij het maken van financiële afwegingen:
· structurele lasten betalen we met structurele inkomsten.
· de gemeente heeft genoeg reserves om financiële risico’s op te vangen.
· belastingen en tarieven stijgen in beginsel niet sneller dan nodig.
· financiële keuzes zijn duidelijk voor de gemeenteraad en inwoners.
· grote financiële besluiten leggen we op tijd voor aan de gemeenteraad.
· geen nieuw beleid zonder dekking (geld moet er zijn).
· samenwerkingsverbanden worden regelmatig gecontroleerd op kosten en opbrengsten.
Bouwen voor doorstroming voor (alleenstaande) jongeren en senioren
We geven voorrang aan bouwplannen op de juiste plek. In vier jaar willen we voor 200 woningen starten met bouwen. Nieuwe plannen zonder duidelijke meerwaarde krijgen minder prioriteit.
We maken een stappenplan voor vier jaar. In jaar 1 kiezen we de plannen die 200 woningen mogelijk maken. In jaar 2 werken we ze uit. In jaar 3 regelen we de juridische stap. In jaar 4 gaat de schop de grond in.
Het 100-dagen-traject uit Breda is een voorbeeld waarbij gemeente en ontwikkelaar binnen 100 dagen samen een gebiedsvisie maken.
We nemen meer regie om voldoende betaalbare woningen te bouwen. We zien kansen op de schoollocaties van de Driesprong en het Beekdal, die vrijkomen door het nieuwe kindcentrum. We maken voor beide een plan. Ook bekijken we de plek van Taxandria: blijft het dorpshuis daar of verhuist het, bijvoorbeeld naar de kerk? Inwoners denken mee.
In Galder verbeteren we de dorpsentree en het centrum met een gezonde mix van woningen tegenover de St. Jacobskapel. Woningbouw voor jonge gezinnen en doorstroming voor senioren in Galder mag niet stilvallen. Op het vrijkomende gemeentekantoor in Alphen kunnen appartementen komen, eventueel met ruimte voor zorg (zoals een huisarts).
Betaalbare woningbouw betekent het bouwen van woningen die financieel bereikbaar zijn voor mensen met een laag tot middeninkomen. Het gaat om sociale huurwoningen (met een huur tot de wettelijke grens van €900 per maand), middenhuurwoningen (met een huur tussen €900 en €1.185 per maand) en betaalbare koopwoningen (met een aankoopprijs onder een bedrag van €405.000).
Als dat nodig is, zetten we actief grondbeleid en juridische middelen in, zodat we meer grip krijgen op wat waar komt.
We richten ons op betere doorstroming. We toetsen plannen op kwaliteit van woningen, programma en woonomgeving. Plancapaciteit gebruiken we alleen voor goede initiatieven die passen bij de vraag in huur en koop.
We bouwen vooral betaalbare woningen voor (alleenstaande) jongeren en senioren, in huur en koop. We bouwen eerst voor eigen inwoners. Waar juridisch mogelijk geven we (oud-)inwoners voorrang. Met corporaties maken we afspraken over toewijzing voor huurwoningen aan inwoners van onze gemeente.
Bij verkoop van nieuwbouw willen we de eerste twee maanden toewijzen aan (oud-)inwoners. Lukt dat niet, dan gaat de voorkeur uit naar jonge gezinnen, zodat voorzieningen in stand blijven.
We denken mee over woongemeenschappen en blijven voorstander van (pre)mantelzorgwoningen. Het is mooi als jong en oud samen plannen maken, bijvoorbeeld met zorg dichtbij. In Chaam zien we op de vrijkomende schoollocaties kansen voor Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO) voor jongeren en senioren.
We volgen de regionale woondeal. Zo sturen we op betaalbaarheid, ouderen, starters en andere doelgroepen. Bij nieuwe projecten is de 30-40-30-regel richtinggevend: 30% sociale huur, 40% middenhuur/middenkoop en 30% vrije sector.
Nieuwe woningen bouwen we duurzaam en toekomstbestendig. We maken erf- en woningsplitsing mogelijk. We kijken met open vizier naar woningbouw in het buitengebied als dat past. We willen het historische, dorpse en groene karakter behouden en voegen bij nieuwbouw kwaliteit en uitstraling toe
We realiseren twee locaties voor opvang van Oekraïners, één in Chaam en één in Alphen, maximaal vijf jaar en binnen de kaders van de gemeenteraad. Verdere opvang van vluchtelingen is nu niet aan de orde. De locatie in Alphen mag niet zorgen voor extra parkeerdruk. Waar mogelijk koppelen we kansen, zoals het parkeerterrein bij Viola en het voorterrein van het scoutinggebouw. Overlast door arbeidsmigranten pakken we aan.
Er ligt een grote opgave voor de energietransitie. Daar gaan we met elkaar mee aan de slag. Dat doen we aan de ene kant in regionaal verband. Maar ook met kleine stappen van onderop, zoals met isolatieacties.
Krachtige kernen met kwaliteit en uitstraling
We zijn trots op ons groene en landelijke gebied. Kernen met een historisch en dorps karakter, dat uitnodigt tot ontmoeten en bewegen. Nieuwe ontwikkelingen zorgen voor behoud van dat karakter, of beter nog: versterken dat.
Kerken horen bij onze dorpen. De kerkgebouwen moeten zichtbaar blijven en een mooie nieuwe invulling krijgen. De besturen zoeken nieuwe bestemmingen voor de kerken in Chaam en Alphen. Wij denken actief mee. Zo kunnen we de kernen versterken, samen met de omgeving. In Chaam onderzoeken we of het gemeenschapshuis naar de kerk kan verhuizen, eventueel gecombineerd met wonen.
We voeren de visie Alpheim uit. De parkeerplaats bij Viola richten we opnieuw in en we maken de toegang veilig. Het Binckplein wordt groener en de doorsteek naar de parkeerplaats bij Viola herstellen we. Als het kan, maken we van het kerkhof een groen park en wordt een deel van de muur verwijderd. Het zou mooi zijn als de klooster-/pastorietuin openbaar wordt.
Het centrum van Chaam verandert. Veel percelen rond de kerk hebben een nieuwe eigenaar gekregen en worden later herontwikkeld. Nu ervaren inwoners het centrum als een versteende parkeerplaats met winkels eromheen. Met de komende herontwikkeling liggen er kansen voor een groener en gezelliger hart. We werken actief samen met eigenaren en ontwikkelaars en verbinden plannen in de kern.
Afgelopen jaar is de visie op Strijbeek vastgesteld en in Bavel AC de visie op de Rimpelaar. Toch ervaren inwoners dat de gemeente ver weg is. Dat willen we verbeteren. We denken aan een jaarlijks gesprek tussen vertegenwoordigers uit het gebied en het gemeentebestuur.
We kijken kritisch welke onderdelen we uitvoeren. Zaken die voor alle kernen gelden, zoals vitale inwoners en schone lucht, pakken we samen op.
Een gelukkige gemeenschap met gezonde verenigingen
We koesteren de saamhorigheid. We versterken buurten, niet alleen met stenen, maar ook met sociale activiteiten. Buurtverenigingen doen goed werk. We willen hen uitbreiden en ondersteunen.
Onze gemeenschap draait op vrijwilligers. Verenigingen en stichtingen vormen de basis. We stimuleren jong en oud om vrijwilligerswerk te doen. Subsidies en vergunningen maken we eenvoudiger en sneller. De gemeente is partner, geen obstakel. We helpen bij aanvragen voor subsidies en vergunningen.
Het subsidiebedrag is niet eindeloos. We houden de huidige hoogte aan en indexeren jaarlijks. We zijn terughoudend met extra subsidie. Halverwege evalueren we het beleid en kijken naar doelen en resultaten.
Fysieke en mentale gezondheid vraagt aandacht. We kijken naar wat wél kan en zetten in op veerkracht en eigen regie. We willen eerder helpen, met preventie en snel signaleren.
We versterken voorzieningen en maken onze gemeenschap toekomstbestendig. Besturen van vrijwilligersorganisaties wordt complexer, zeker bij groeiende ledenaantallen. Bij investeringen kijken we niet alleen naar kosten per inwoner, maar ook naar maatschappelijke waarde.
Slechts 56% van onze inwoners beweegt genoeg. Samen met verenigingen bekijken we wat nodig is om dit te verbeteren. We benutten ook de buitenruimte en stimuleren individueel sporten in de natuur. Met de voetbalverenigingen onderzoeken we of de huidige voorzieningen nog passen.
Cultuur verbindt en geeft zin. Voor een kleine gemeente hebben we veel aanbod, mede dankzij verenigingen. Dat willen we op peil houden.
De bibliotheek is belangrijk: voor lezen door jongeren, ondersteuning van anderstaligen en laaggeletterden en als ontmoetingsplek. We zetten de rijksmiddelen hiervoor in zodat de bibliotheek blijft. Bij voorkeur heeft elke kern een afhaalpunt.
Iedereen doet er toe en iedereen doet mee
De vraag naar zorg groeit en we vergrijzen. Veel mensen voelen zich eenzaam, ook jongeren. Dat willen we aanpakken. We steunen nieuwe ideeën en maken bestaande hulp beter zichtbaar. In onze gemeente kent men elkaar. We letten op elkaar en helpen elkaar. Lukt dat niet, dan is de gemeente het vangnet. Wie hulp nodig heeft, moet snel weten waar hij terecht kan: bij familie en buurt, of bij professionals zoals een jongerenwerker.
We werken samen met gemeenten in de Regio Hart van Brabant. De gemeentelijke toegang, het Trefpunt, het Budgetcafé en het Dorpsteam vormen samen één ingang. Zo is snel duidelijk waar iemand terecht kan: via één telefoonnummer of loket, zonder eindeloos doorverwijzen. Het Dorpsteam maken we bekender en toegankelijker. Nieuwe inwoners krijgen een routekaart met praktische informatie over zorg, afval, vervoer, bibliotheek en meer.
We richten ons meer op preventie. We ontwikkelen programma’s die fysieke en mentale gezondheid versterken. Dat doen we met logische partners en voor zowel senioren als jongeren. Zo blijft het betaalbaar. Gezond inkopen en eten helpt ook.
Sommige problemen hebben niet per se professionele ondersteuning nodig, maar horen soms ook bij het “gewone leven”. We versterken verenigingen, stichtingen en buurten zodat steun dichtbij is en inwoners vanuit eigen kracht meedoen. Ook versterken we de professionele basis: gemeente, huisartsen, GGD en onderwijs werken meer samen. Zo krijgt een inwoner sneller en beter hulp vanuit meerdere kanten.
Voor jongeren vanaf 12 jaar komt er één aanspreekpunt, fysiek en digitaal. Zo weten zij snel waar ze met vragen terecht kunnen. We betrekken jongeren bij de politiek en doen ervaring op met onze jeugdburgemeester.
Sommige inwoners komen moeilijk rond. Met het Dorpsteam vergroten we de bekendheid van regelingen en maken we aanvragen eenvoudiger.
Plekken om samen te komen zijn belangrijk voor samenredzaamheid. Daarom zijn gemeenschapshuizen of dorpshuizen in alle kernen nodig.
Een groene en gezonde omgeving
Onze gemeente is de groene driehoek tussen de steden. Het is een plek om tot rust te komen. We streven naar een gezonde leefomgeving: vanuit huis zie je groen en bomen. Er is genoeg schaduwrijk groen om te verkoelen. Dichtbij huis is openbaar groen om te ontspannen, ontmoeten, bewegen en spelen. We onderhouden het groen in de kernen goed, zoals bij de Leeuwerik, het Willibrordplein, het Binckplein, de Brouwerij, de Wouwerdries en de Dorpsstraat. We bewaken de balans tussen bebouwing, landbouw en veeteelt, recreatie en nieuwe energievoorzieningen.
We voegen in alle kernen groen toe, in balans met parkeren. Is er te veel parkeerplek, dan maken we ruimte voor groen. Bij nieuwe projecten betrekken we de omgeving en kiezen we voor toekomstbestendige inrichting. We letten op klimaatbestendigheid en onderhoudskosten. Overlast door hondenpoep pakken we aan, bijvoorbeeld met hondenuitlaatplaatsen en meer bewustwording.
Buiten spelen en bewegen is gezond en zorgt voor ontmoeting. Nu is 42% van de inwoners tevreden over speelplekken. We willen dat verhogen naar minimaal 55%. Waar nodig voegen we speelvoorzieningen toe. We beoordelen bestaande plekken op kwaliteit en gebruik. Onaantrekkelijke plekken knappen we op, ook met aandacht voor kinderen met een beperking.
We vragen inwoners mee te denken en mee te helpen bij aanleg en onderhoud van groen. Denk aan geveltuinen, schoffelcontracten en adoptie van boomspiegels en reststroken. Dat bespaart kosten en versterkt de onderlinge band. We betrekken ook lokale hoveniers.
Met deze investeringen maken we onze omgeving klimaatbestendig. We gaan hitte en wateroverlast tegen en houden de milieukwaliteit goed. We steunen plannen voor groene daken, gevels en minder verharding en geven voorlichting op scholen en aan vrijwilligers.
We blijven inzetten op beter afval scheiden en meer hergebruik van materialen. We juichen lokale initiatieven toe en doen mee aan regionale pilots. Uitgangspunt: de vervuiler betaalt.
’t Zand is belangrijk voor onze leefbaarheid. De plek blijft vrij toegankelijk tussen zonsopgang en zonsondergang. Het gebied moet veilig en schoon zijn. Het water moet geschikt blijven om te zwemmen en het verblijf moet prettig zijn. We investeren meer in veiligheid om overlast te verminderen en verbeteren de toiletvoorzieningen. Op zonnige dagen is parkeren betaald; we maken dat eenvoudiger en pakken overlast aan.
De Galderse Meren zijn van de gemeente Breda. Op drukke dagen is er overlast. We blijven met Breda in gesprek om die overlast te verminderen.
Schone lucht is essentieel. We willen een luchtkwaliteitsmeetpunt in Alphen-Chaam en blijven meedoen aan het Schone Lucht Akkoord.
Ruimte om te ondernemen
Lokale ondernemers, waaronder winkeliers, zorgen voor werk, innovatie en samenhang. Zij houden onze kernen en het buitengebied vitaal. We geven vertrouwen en ruimte. We volgen de uitvoering van de economische visie.
Toerisme en recreatie zijn belangrijk. We werken samen met buurgemeenten en partners in de regio, zoals Van Gogh Nationaal Park, LandStad De Baronie en Toerisme De Baronie. We beschermen onze groene, landelijke omgeving: de achtertuin van Breda en Tilburg.
De meeste recreatieparken zijn vitaal. Permanent wonen op recreatieparken vinden we niet gewenst. Als we al meewerken aan omzetting naar wonen, dan doen we dat alleen bij niet-vitale recreatieparken én maken we afspraken over de voorwaarden.
Het gedachtengoed van Cittaslow wordt steeds meer opgepakt door de samenleving. De gemeente doet een stapje terug, maar zorgt dat de basis op orde is.
Onze groene omgeving is met de tijd gevormd. Die kwaliteit willen we behouden. We werken samen met ondernemers en partijen als provincie, waterschap, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, Brabants Landschap en Natuurvereniging Mark en Leij. Begrip en draagvlak van onderop zijn belangrijk; de gemeente heeft hierin een rol. We staan positief tegenover woningbouw in het buitengebied en maken woningsplitsing mogelijk. Bij medewerking maken we afspraken over de meerwaarde die ontstaat, bijvoorbeeld via een fondsbijdrage. We denken mee over andere bedrijfsvoering. De Omgevingswet biedt meer maatwerk. Nieuwe kansen voor eigenaren mogen geen hinder zijn voor agrariërs en omwonenden.
We zeggen niet ‘nee, tenzij’, maar ‘ja, mits’. Omzetting van bedrijf naar woning maken we eenvoudiger.
Boeren horen bij onze gemeente en vormen het gebied al generaties lang. We ondersteunen ondernemers die werken aan een gezonde bedrijfsvoering, ecologisch én economisch. We stimuleren natuurinclusieve en circulaire landbouw en houden ruimte voor traditionele landbouw.
Veilig en bereikbaar
Onze kernen moeten goed bereikbaar zijn. Het wordt drukker en er zijn meer soorten vervoer. We willen dat mensen makkelijk en veilig naar elkaar toe kunnen. De provincie gaat over het openbaar vervoer. We blijven inzetten op OV in en tussen alle kernen en goede verbindingen met Breda en Tilburg. We onderzoeken ook een verbinding met Gilze.
Verkeersveiligheid is belangrijk. We willen veilige routes door de dorpen en goede verbindingen tussen woningen en voorzieningen, vooral voor senioren, kinderen en mensen met een beperking. We verbeteren de situatie in het buitengebied, zoals bij Kwaalburg, het Hondseind, de Geersbroekseweg en de Markweg. Mogelijke maatregelen: afsluiten voor doorgaand (vracht)verkeer of éénrichtingsverkeer. We zoeken balans voor alle weggebruikers, ook wandelaars en fietsers.
We gaan in gesprek met de provincie over een rotonde bij de Rielseweg. Ook vragen we of landbouwverkeer naar de rondweg N260 kan, om kernen en buitengebied te ontlasten. In Galder wordt te hard gereden. Met kleine ingrepen willen we 30 km als maximum realiseren. De voetgangersroute naar Meersel-Dreef is niet veilig; we zoeken een oplossing. Na afronding van het bouwplan achter de oude Mattheusschool kijken we naar een betere entree vanaf de Ballemanseweg, passend bij de Galderseweg, met eventueel snelheidsremmers.
De doorgaande weg in Chaam is al lang onderwerp van gesprek. De gemeente heeft ingezet op minder (vracht)verkeer en de weg is vernieuwd. Toch is er nog overlast en is de veiligheid voor voetgangers en fietsers niet genoeg verbeterd. We zetten alle juridische mogelijkheden in om vrachtverkeer door Chaam te verbieden. De leefbaarheid van inwoners staat voorop.
Wegen moeten veilig en op niveau blijven en sneller worden hersteld, ook de smalle wegen in het buitengebied. We maken een goed onderhouds- en vervangingsplan met het benodigde budget. We kijken of investeringen passen bij het gebruik. Soms is afsluiten, éénrichtingsverkeer of passeerstroken beter. Bij uitbreidingswensen van bedrijven toetsen we of de verkeerssituatie dit aankan. Als aanpassingen nodig zijn, kijken we eerst naar een bijdrage van de ondernemer (bijvoorbeeld via een fonds).
Het Bels Lijntje wordt gebruikt door scholieren, forensen en recreanten. We verbreden het fietspad en zorgen voor een uniforme inrichting van Turnhout tot Tilburg. We zoeken partners voor uitvoering en financiering, zoals de provincie en Enexis (die de stroomkabel onder het pad vervangt). We kijken of het Bels Lijntje in de strooiroute kan en of in de herfst het blad wordt verwijderd.
We starten met de bouw van het Kindcentrum in Chaam en zorgen voor veilige routes voor kinderen van en naar school.